Gemeenteraad

Recent werd een petitie  opgestart door het bestuur, de leerlingen en de  ouders van de Basisschool Van Monckhoven teneinde een veilige oversteekplaats te bekomen in de straat.

Deze vraag is naar mijn mening meer dan terecht om de veiligheid van de vele schoolgaande kinderen en buurtbewoners te garanderen en concreet wens ik U dan ook te vragen of U bereid bent om op hun vraag in te gaan en een zebrapad te voorzien ter hoogte van de schoolingang ?

Carl De Decker
Gemeenteraadslid

Antwoord:

Ik kan hierop bevestigend antwoorden. Het Bureau Verkeerstechniek van LPZ Gent heeft de vraag voor de aanleg van een zebrapad in de Van Monckhovenstraat ter hoogte van de ingang van de school gunstig geadviseerd.

Ik heb dit ondertussen betekend en er zal aan de Technische Dienst opdracht worden gegeven om de nodige schilderwerken uit te voeren. Hiermee wordt dus ingegaan op de petitie die werd georganiseerd door het bestuur, de ouders en de leerlingen van de school.

Daniël Termont
Burgemeester

 

Het avontuurlijk Lotusbosje te Oostakker zou eigendom zijn van verschillende privé-eigenaars en staat aangeduid als een zone waar openbaar groen moet komen. Heel wat buurtbewoners spraken mij aan met de vraag of er een fietsverbinding kan komen tussen de twee nieuwe wijken zodat vooral de jonge kinderen zich veilig kunnen verplaatsen.     Dit fietspad zou de verkeersveiligheid ontegensprekelijk ten goed komen aangezien de drukke Groenstraat zo kan vermeden worden.

Concreet wens ik U dan ook te vragen of de Stad niet kan onderhandelen met de privé-eigenaars om reeds een tijdelijke ontsluiting en veilige fietsverbinding te realiseren in afwachting van de definitieve aankoop?

Carl De Decker
Gemeenteraadslid

Antwoord:

Naar aanleiding van de nieuwe stedenbouwkundige vergunningsaanvraag van Lotus Bakeries is door de Groendienst geïnformeerd of een fietsdoorgang zoals voorzien in het BPA Krijte (goedgekeurd in 2000) bespreekbaar is voor het bedrijf.

Het bosje is voldoende beschermd (bestemming is groen) zodat zijn voorbestaan niet bedreigd is. Door het verwerven van deze zone, wordt geen bijkomend groen gerealiseerd. Het verwerven en inrichten van het volledige bosje is dan ook geen prioritaire actie voor de Groendienst.

Vanuit het oogpunt van verkeersveiligheid zou een fietsverbinding inderdaad wel opportuun zijn. Op het eerste zicht is dit volgens de Groendienst ook haalbaar aangezien hiervoor enkel een strook in eigendom van Lotus dient verworven te worden en gezien de positieve eerste reactie van Lotus.

In plaats van een tijdelijke ontsluiting zou er na verwerving dan onmiddellijk een definitieve aanleg kunnen gebeuren. De definitieve overdracht van de doorgang (rode lijn), nog in eigendom van de verkavelaar Bostoen, en de doorgang tot de andere verkaveling van Matexi (oranje lijn) moet in kader van de verkaveling ook wel nog officieel gebeuren. Omdat het een aanleg van fietsdoorgang betreft, wordt deze concrete vraag doorgegeven aan de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen (Mobiliteitsdienst).

Tom Balthazar
Schepen van Milieu, Stadsontwikkeling en Wonen

Momenteel is het speurwerk naar foute sorteerders in onze stad vaak onbegonnen werk omdat de zakken geen enkele referentie hebben. Pmd-zakken met een verkeerde inhoud worden achtergelaten door de vuilnisophalers met een sticker op en maar al te vaak niet opnieuw binnen genomen door de eigenaars.     Het hoeft geen betoog dat dit dan aan de straat een vuile indruk geeft. In Mechelen en Duffel wordt daarom met een proefproject gestart waarbij de pmd-zakken gepersonaliseerd worden. De gebruikers zullen er een sticker met persoonlijke gegevens (bvb. een klantennummer of barcode) op de zakken moeten aanbrengen. Zo zou het gemakkelijker zijn om misbruiken op te sporen en zou er een belangrijk signaal kunnen gegeven worden naar de slechte sorteerders.

Concreet wens ik u dan ook te vragen of de Stad Gent ook kan deelnemen aan dit proefproject en zo het signaal geven dat onze stad de strijd tegen fout sorteren ter harte neemt.

Carl De Decker
Gemeenteraadslid

Antwoord:

Opzet van het project in Mechelen en Duffel is om na te gaan hoe de problematiek van de ‘geweigerde zakken’ kan worden aangepakt. Het klopt dat ophalers stickers plakken op zakken waar zich foutieve voorwerpen in bevinden. Niet altijd worden deze zakken door de bewoners terug binnen genomen.

Dit is een probleem dat zich bij vele collega’s-intercommunales voordoet. Er bestaan echter zeer weinig concrete gegevens hierover (bv. hoeveel van de geweigerde zakken blijven staan, in welke type bewoning/wijk gebeurt dit meer/minder…).

Om een duidelijk beeld hierop te krijgen organiseert de intergemeentelijke vereniging IVAREM (Mechelen) momenteel een proefproject in samenwerking met Fost Plus en OVAM. Dat bestaat erin dat zeer nauwkeurig gemonitord wordt hoeveel geweigerde PMD-zakken terug in huis worden genomen, hoeveel er elders worden neergezet, … en dit volgens het type bewoning en of het in de stad/kleiner gemeente is. Pas nadat deze gegevens verwerkt zijn, kan worden onderzocht hoe men hier kan op inspelen. Aangepaste sensibilisatie en communicatie kan daarbij doelgroepgericht ontwikkeld worden. Ook daarvan zullen de resultaten gemeten worden.

De optie om PMD-zakken te ‘personaliseren’ (sticker, barcode, chip…) komt daarbij als idee wel in beeld, maar is nog op geen enkele manier praktisch uitgewerkt en lijkt op heel wat problemen van technische, logistieke en juridische aard te stuiten. Ik hoop dat u ook gevoelig bent voor de ernstige problemen die een dergelijk systeem m.b.t. de bescherming van de privacy zou kunnen doen rijzen.

Uiteraard ben ik ook nieuwsgierig naar de resultaten van dergelijke proefprojecten. Binnen Interafval, de koepel van de Vlaamse afvalintercommunales, wisselen de verschillende intercommunales nuttige informatie hierover uit. Samen met de collega’s, Fost Plus, OVAM en de Interregionale Verpakkingscommisie zoekt men naar een afdoende oplossing.

Tom Balthazar
Schepen van Milieu, Stadsontwikkeling en Wonen

De automobilisten en het openbaar vervoer die de laatste weken Gent willen binnen rijden via De Zuid staan van ’s morgensvroeg in een lange file als gevolg van werken door Luminus in de Vlaanderenstraat.     De eerste put in de Vlaanderenstraat is sinds kort gedicht en binnenkort zou het verkeer er zonder enige hinder terug kunnen passeren. Volgens Luminus verloopt alles volgens schema terwijl deze werken tergend traag vooruit gaan en niemand kan begrijpen dat deze zolang moeten aanslepen.

Concreet wens ik u dan ook te vragen hoe het kan dat deze werken zo lang konden aanslepen en of de Stad Gent er in de toekomst niet bij de uitvoerder van de werken kan op aandringen om dergelijke werken sneller te laten plaatsvinden gezien de impact op het verkeer? Is het echt niet mogelijk om hiervoor twee ploegen dagelijks in te zetten en te overwegen om ook ‘s nachts verder te werken ten einde de overlast te beperken?

Carl De Decker
Gemeenteraadslid

Antwoord:

Door een lek aan de toevoerleiding is er schade ontstaan aan de hoofdleiding en diende ook de isolatie van deze leidingen volledig vernieuwd. Dit was in eerste instantie de grote onbekende bij de vaststelling van het lek en de uitvoering van de herstelling.

Men is zich volledig bewust van de hinder die deze werken veroorzaakt hebben en de diensten en ons kabinet zijn steeds op de hoogte gehouden door de projectleider van EDF-luminus (eigenaar beheerder van deze leiding).

Uiteraard is ook hier door de Stad Gent aangedrongen op de meest snelle uitvoering en was ook EDF-luminus het nodige aantal personeelsleden ingezet om deze doelstelling te behalen. Ook EDF-luminus is zich bewust van de verkeershinder en de impact van hun werken.

Ik kan ook bevestigen dat volgens de updates die men kreeg aangaande de vordering van de werken dat er op bepaalde dagen hier ook ’s nachts gewerkt is (op het moment dat de tram niet rijdt) om ook de doortrekking onder de sporen uit te voeren.

De vraag of de werken niet sneller konden, zal worden overgemaakt aan de projectingenieur van EDF, maar het is wel duidelijk dat ze alles gedaan hebben om de situatie zo snel als mogelijk op te lossen.

Martine De Regge
Schepen van Openbare Werken en Mobiliteit

In het antwoord op mijn schriftelijke vraag van september 2011 omtrent de instapklasjes, verwees de schepen bij het onderdeel ‘prognoses’ naar de prognoses voor het schooljaar 2013-2014. Deze konden pas gemaakt worden wanneer er kennis was over het aantal nuljarigen voor het hele kalenderjaar, dit is op 31 december 2011.     Gezien deze datum ondertussen verstreken is, wens ik bij de schepen te informeren naar de prognoses voor het schooljaar 2013-2014.

Carl De Decker
Gemeenteraadslid

 

Antwoord:

Prognoses

De figuur beschrijft de groei van het aantal 0-2 jarigen in absolute cijfers, aangevuld met de prognoses van het aantal 0-2 jarigen voor Gent. De prognoses zijn uitgevoerd door de Studiedienst van de Vlaamse Regering. De prognoses starten vanaf 2008 (31/12/2008). Er is dus voor enkele jaren (2008-2011) een overlap tussen de registratiecijfers en de prognosecijfers. Voor het aantal nuljarigen zijn de effectieve cijfers lager dan wat de prognoses voorspeld hebben.

Concrete cijfers per schooljaar

In Tabel 1 hebben we getracht om een inschatting te maken van het overschot / tekort aan plaatsen in de kleuter- en lagere school op basis van de capaciteit en de demografische cijfers (toestand op 31/12/2011).

Schooljaar 2012-2013 Voor het schooljaar 2012-2013 is er een berekening gemaakt op basis van de beschikbare cijfers. De dekkingsgraad voor de instapklas is 91,8. De dekkingsgraad voor de 1ste kleuterklas is 100,0; voor de tweede kleuterklas 105,7 en voor de derde kleuterklas 114,1.

Rudy Coddens
Schepen van Onderwijs en Opvoeding

In heel wat grote instellingen zowel in de overheid als de privé gaat men maandelijks over tot de aanduiding van een team of dienst van de maand om zo de betrokken personeelsleden eens in de bloemetjes te zetten voor de geleverde prestaties en te motiveren om hun gewaardeerde inzet verder te zetten.   Onlangs werd bijvoorbeeld het nieuwe infopunt van de dienst toerisme geopend waar grote inspanningen werden geleverd door de betrokken dienst om tot een mooi eindresultaat te komen. Het zou een mooi gebaar zijn van onze stad indien deze dienst een schouderklopje zou krijgen voor de positieve uitstraling die hierdoor werd gegeven aan onze stad. Ongetwijfeld zijn er nog andere diensten binnen onze stad die het ook verdienen om eens in de spotlights te staan en bijvoorbeeld op het stadhuis ontvangen te worden.

Concreet wens ik u dan ook te vragen of U bereid bent om het Gentse team van de maand in het leven te roepen?

Carl De Decker
Gemeenteraadslid

Antwoord:

Het is uiteraard zeer belangrijk om de personeelsleden in de bloemetjes te zetten. Het installeren van een team van de maand lijkt me een goed idee, maar ik heb daar toch wel vragen bij.

Het personeel waarderen voor specifieke of doorgedreven inzet – zowel in projecten, reguliere werking of dienstverlening – gebeurt al goed door het stadsbestuur. Zo is het vieren van succes tijdens een verandering een belangrijke laatste fase, het zijn momenten om het team in de bloemetjes te plaatsen, te laten deelnemen in de feestvreugde van het evenement enz. Het is ook een moment om de verandering te verankeren, de geleverde inspanning te duiden in relatie tot het succes in het leren en de weg daar naartoe.

De Stad Gent toont zichtbare waardering door bijvoorbeeld het organiseren van een dienstfeestje, het deelnemen aan een event met de klanten en de bewoners, het bijwonen van een opening maar ook door de personeelsleden een plaats te geven in het stadsmagazine of het personeelsblad Moment en hen aan het woord te laten bij een reportage of interview. Daarnaast zijn er specifieke, minder zichtbare acties: bijvoorbeeld teams een vermeerderd budget geven voor teamactiviteiten die naast het vieren ook het team als groep versterken. Daarnaast is er de onzichtbare waardering die ook nauw aansluit bij de innovatieve arbeidsorganisatie: het team vertrouwen geven om zaken zelf te organiseren, beslissingen te nemen in relatie tot het boeken van succes. Bijkomend zijn er de waarderingsmomenten, administratieve vereenvoudiging en lijkt het in de context van innovatieve arbeidsorganisatie ook beter dat de teams zelf bepalen wanneer er kan gefeest worden. Ze worden ook aangemoedigd om dit te doen. Dit thema komt aan bod in de opleidingen voor de leidinggevenden van de Stad Gent.

Vooral ook om deze laatste reden vindt de schepen dat het idee van een “team van de maand” iets te veel aanzet geeft tot competitie. Dit zal vermoedelijk ook moeten opgevolgd worden of een reglement moeten krijgen, terwijl er nu spontaan al succesverhalen over veranderingstrajecten zijn. In bedrijven gebeurt dit inderdaad, meestal op basis van beschikbare indicatoren, zoals de zoveelste klant, zoveel omzet of winst enz. Dit is voor de Stad Gent moeilijk meetbaar en vergelijkbaar. Bovenop de vraag of dit al wenselijk is kan er ook een dilemma ontstaan over de criteria en wat met meerdere teams die succesvol waren de voorbije maand?

Kort samengevat: moet de Stad Gent een team dat goed functioneert in de bloemetjes zetten? Absoluut ja, maar heeft de Stad Gent nood aan een team van de maand? Als ik hierop eerlijk moet antwoorden: neen. Op diverse vlakken worden teams met succeservaringen al goed onder de aandacht gebracht in een relatie tot de uitbouw van de innovatieve arbeidsorganisatie. Het idee van een team van de maand is goed, maar praktisch gezien zijn er veel nadelige consequenties.

Resul Tapmaz
Schepen van Personeelsbeleid, Informatica, Administratieve Vereenvoudiging en Kwaliteitszorg

Recent werden de plannen bekend gemaakt om een BeNe-liga voor vrouwenvoetbal op te richten en met vele supporters en sympathisanten van het lokale vrouwenvoetbal ben ik de mening toegedaan dat onze Stad ook een ploeg verdient op het hoogste niveau. We mogen dan ook deze unieke kans niet laten schieten en met een Gentse vrouwenploeg klaar staan bij de start van deze BeNe-liga.     Het lijkt dan ook evident om in navolging van onze succesvolle mannelijke ploeg in eerste klasse een vrouwenploeg op te richten onder de vleugels van KAA Gent zoals reeds het geval is bij vele andere eersteklassers.

Is de stad Gent bereid om samen met KAA Gent zijn schouders te zetten onder de oprichting van een Gentse vrouwenploeg die kan deelnemen aan de BeNe-liga? Kan de Stad een geschikte accommodatie voorzien om op het hoogste niveau en in ideale omstandigheden het Gentse vrouwenvoetbal te promoten?

Carl De Decker
Gemeenteraadslid

Antwoord:

Uiteraard zou de stad Gent graag een Gentse vrouwenvoetbalploeg op het hoogste niveau zien meedraaien.

Ook KAA Gent heeft al laten weten het idee genegen te zijn en is bereid om reeds volgend seizoen een vrouwenploeg onder haar naam te laten spelen. Verdere integratie binnen KAA Gent behoort op termijn ook tot de mogelijkheden. De kans is echter klein dat er volgend jaar al een Gentse damesploeg in de nieuw opgerichte BeNe-liga zal spelen. Er speelde het voorbije jaar geen Gentse ploeg in eerste klasse. Door met een nieuwe ploeg direct in de BeNe-liga aan te treden zou men enkele stappen overslaan. Toch hopen we dit op relatief korte termijn gerealiseerd te zien.

Daarbovenop moet het initiatief tot het oprichten van dergelijke ploeg van een van de betrokken clubs komen. Zodra dat het geval is zal de stad Gent de vrouwenploeg – zoals we met elke Gentse sportclub doen – natuurlijk maximaal steunen.

Qua infrastructuur zou de vrouwenploeg gebruik kunnen maken van de uitgebreide bestaande Gentse voetbalinfrastructuur, bv. die van de Blaarmeersen. Pas na de uitbreiding van het jeugd- en oefencomplex van KAA Gent aan de Warmoezeniersweg, waar de stad Gent momenteel mee bezig is, zou de vrouwenploeg daar terecht kunnen. Ook de ingebruikname van het Arteveldestadion zal mogelijkheden creëren om een vrouwenvoetbalploeg op hoog niveau te laten meedraaien.

Christophe Peeters
Schepen van Financiën, Facility Management, Sport en Haven

Door heel wat buurtbewoners werd ik recent op de hoogte gebracht van zeer ernstige geluidsoverlast in de Louisazaal met een grote impact op de woonkwaliteit in de omgeving van het Lousbergpark. Ondanks duidelijke afspraken en reglementeringen wordt de zaal toch gebruikt voor feestjes en drumsessies waarbij de buren door de organisatoren als hinderlijke randfactoren worden beschouwd. Wanneer de bewoners het probleem ter plaatse gingen aankaarten, werd dit gewoonweg onthaald op provocerend gelach.

De interventieploeg van de politie werd hiervan reeds meermaals in kennis gesteld door meerdere buurtbewoners en stelde PV’s ter zake op.

Van de beloftes om omwonenden op voorhand te verwittigen en geluidsoverlast te vermijden kan jammer genoeg in de praktijk niet veel worden vastgesteld. Dit terwijl in het aanpalende gebouw heel wat appartementsbewoners met kleine kinderen recht zouden moeten hebben op een gezonde nachtrust.

Is de Schepen bereid om deze problematiek van geluidsoverlast grondig te onderzoeken en de nodige maatregelen te nemen opdat de rust mag weerkeren in de buurt van het Lousbergpark.

Carl De Decker
Gemeenteraadslid

 

Antwoord:

Na een klachtenmail van 7 september 2011 wegens geluidsoverlast heeft de Dienst Buurtwerk op 4 oktober 2011 een e- mail met volgende inhoud verstuurd aan de heer Bleyenberg, syndicus. Daarin heeft de Dienst Buurtwerk een aantal voorstellen gedaan en concrete engagementen genomen die de overlast vanuit de Louisazaal voor de buurt tot een minimum moeten herleiden.

Hierop ontvingen wij op 7 oktober 2011 een mail van de heer Bleyenberg. Daarin maakt hij gewag van een voorval met spelende kinderen in het gebouw en op de parking, waarbij hij aandringt op meer controle. Hij maakt ook bezwaar tegen een aantal elementen in de voorgaande e-mail met onze voorstellen en houdt zicht het recht voor hierop ten gronde te antwoorden.

Vooreerst hebben wij nooit een antwoord ten gronde van de heer Bleyenberg ontvangen. Daarnaast speelde dit nieuwe feit zich af in de linkervleugel van het gebouw, beheerd door vzw Jong. Hierop heeft de Dienst Buurtwerk een overleg georganiseerd met Jeugddienst en vzw Jong, om gemeenschappelijke richtlijnen af te spreken teneinde de overlast tegen te gaan. De Dienst Buurtwerk heeft zich dus niet beperkt tot het regulariseren van zijn eigen werking, maar heeft ook een ernstig initiatief ontwikkeld om met de jeugdvleugel tot een eenduidige houding tegenover de buurt te komen.

Op 21 maart 2012 ontvingen we een e-mail van de heer Bleyenberg; ditmaal ging het over een niet vooraf geplande jeugdculturele activiteit met muziek, waarbij er dezelfde avond klachten van buurtbewoners wegens geluidshinder kwamen. Hij beweert in deze mail dat de interventiepolitie werd verwittigd (feit waarvan wij geen bevestiging konden terugvinden) en de mededeling dat vanaf dan bij iedere hinder de politie zal verwittigd worden met de vraag een pv op te stellen. Navraag bij de jeugddienst leert dat deze activiteit doorging in de lokalen van vzw Jong en afgerond werd omstreeks 20u.

Op 30 april 2012 stuurde Ken Roetynck, Gebiedscoördinator van vzw Jong, een reactie naar de heer Bleyenberg. Daarin benadrukt hij het onverwachte en occasionele van deze activiteit in het kader van een jeugdcultureel project en betreurt hij het gebrek aan communicatie dat zij omwille van deze hoogdringendheid hierover hadden met de buurt.

Hierop reageerde de heer Bleyenberg op 30 april per e-mail, waarin hij de excuses van de jeugdcoördinator als ontoereikend bestempelde. Daarnaast deed hij melding van nieuwe feiten van overlast, ditmaal wegens het verscheidene malen afgaan van het alarm in het buurtcentrum.

Hoewel de activiteit van 21 april niet plaatsvond in de ruimtes van de Dienst Buurtwerk, benadrukt de Dienst Buurtwerk zich wel degelijk gehouden te hebben aan de voorgestelde afspraken, zoals geformuleerd in de e-mail van 4 oktober 2011. De dienst verontschuldigt zich tegenover de bewoners voor het –waarschijnlijk foutief- afgaan van het alarm op 21 en 28 april jongstleden. Navraag bij buurtwerkster Nadine Rombout doet ons concluderen dat het hier gaat om een technisch defect en intussen werd alles in het werk gesteld om het euvel aan het alarm te herstellen.

We hebben ook navraag gedaan bij de interventiepolitie naar de door hen ontvangen klachten en opgemaakte pv’s, vermits hiervan ons geen officiële melding bereikte. De politie maakt inderdaad gewag van een aantal meldingen voor nachtlawaai wegens het afgaan van het brandalarm, maar er is nergens sprake van een klacht wegens overlast veroorzaakt door een activiteit in de Louisazaal (de polyvalente zaal van de Dienst Buurtwerk).

De Dienst Buurtwerk en de Jeugddienst wijzen er graag op dat zij met de Louisazaal en de lokalen van vzw Jong een ontmoetingsplaats wil creëren voor alle bewoners van de wijk Macharius-Heirnis en hoopt dit verder in een constructieve sfeer samen met de bewoners te kunnen realiseren.

Tom Balthazar
Schepen van Milieu, Stadsontwikkeling en Wonen

Heel wat buurtbewoners wisten mij te melden het parkje aan de Lucas de Herestraat er al een tijdje niet echt netjes bijligt. Ter plaatse kon ik inderdaad vaststellen dat er heel wat vuilniszakken worden achter gelaten en het parkje er gewoonweg vuil en onverzorgd bij ligt. Op het pleintje werd zelfs een oude zetel achter gelaten en flesje bier liggen verspreid over het hele park. Als bijlage bezorg ik U enkele foto’s ter illustratie en bezorgde buurtbewoners wisten mij nog te melden dat er ‘s nachts luidruchtige feestjes worden gehouden en er ‘s morgens mensen liggen te slapen op de banken.

Concreet wens ik U dan ook te vragen of er iets kan gedaan worden aan de netheid en veiligheid in het parkje teneinde de aantrekkelijkheid ervan te vergroten en een aangename omgeving te creëren voor ouders die hier in deze drukke buurt met hun kinderen willen komen spelen.

Carl De Decker
Gemeenteraadslid

Antwoord:

Dit parkje wordt normaal wekelijks aangedaan door medewerkers van de Groendienst om zwerfvuil en sluikstort te verwijderen. Door het einde van het plantseizoen en het zachte lenteweer waren er echter prioritaire plantwerkzaamheden. Hierdoor waren er twee weken tussen de opruimbeurten op vrijdag 23 maart dat de Groendienst opnieuw langs geweest in het parkje en heeft 1 flesje, een halve zak zwerfvuil, een zitbank aangetroffen en opgeruimd. De komende weken zal het onderhoud terug op normale basis verlopen.

Verder ontvingen de stedelijke diensten tot op heden enkel klachten van burgers over hondenoverlast (loslopende honden en hondenpoep), maar het afvalprobleem is wel gekend bij de Dienst Gemeenschapswachten. De gemeenschapswachten gaan minstens 2x per week langs en geven telkens de meldingen in verband met zwerfvuil en sluikstort door aan de bevoegde diensten voor opruiming.

Er wordt ook actief toezicht gehouden, d.w.z. mensen worden aangesproken om bv. blikjes in de daarvoor bestemde afvalkorven te deponeren. Ook de gemeenschapswachten-vaststellers en de parkwachter volgen dit op. Zij gaan bij betrapping op heterdaad effectief over tot het vaststellen. Dit kan resulteren in een GAS (Gemeentelijke Administratieve Sanctie), dat is een geldboete van 60 tot 120 euro, afhankelijk van het soort overtreding. Bij herhaling of meerdere inbreuken kan de boete oplopen tot 250 euro.

Het probleem is echter vaak dat zolang er toezicht is, er zich geen problemen stellen. Tijdens een gerechtelijke actie op dinsdag 20/03/12 werd de zetel reeds opgemerkt door het gerechtelijk team. Studenten die op dat ogenblik aanwezig waren deelden onze diensten mee dat de zetel eigendom is van omwonende studenten. Een identiteit konden ze echter niet meedelen. De politie zal verder nazicht laten opnemen in de planning.

Tom Balthazar
Schepen van Milieu, Stadsontwikkeling en Wonen

 

De prachtige zuil in het midden van de Charles de Kerckhovelaan staat normaal gezien te midden van een sierlijke waterpartij en fonteinen die de vier belangrijkste Gentse waterlopen symboliseren.
Al geruime tijd zijn deze fonteinen buiten werking en dat is toch wel jammer en laat het mooie geheel niet tot zijn volle recht komen.
Concreet wens ik U dan ook te vragen of U bereid bent om de fonteinen te herstellen en terug te activeren?

Carl De Decker
Gemeenteraadslid

Antwoord:

Dit is inderdaad nog niet opgestart omdat er een aantal technische mankementen zijn.
De dienst FM vraagt nog even geduld uit te oefenen. Men doet er alles aan om de fontein te laten werken tegen begin juni.

Martine De Regge
Schepen van Openbare Werken en Mobiliteit

Carl Social

Simple Calendar

januari 2018

ma di wo do vr za zo
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31